In het begin is het allemaal leuk en aardig. Je neemt een baby en iedereen in het huishouden staat in de rij om met de jonge drommes even te spelen. Naarmate de weken en maanden verstrijken zie je doorgaans dat men steeds meer er tegenop ziet om zo’n pas geborene te onderhouden. Nachtelijke escapades leveren een waar vermoeidheidssyndroom op en het full-time volspetteren van de luier lijkt op een ware dwangneurose van het wezentje. Uiteraard moet zo’n kinderbijslagtrekker geregeld uitgelaten worden. Even wat frisse lucht halen en wat vitamine D op het bolletje is nou immers nodig. Leuk in het begin, zeker met alle aandacht die je krijgt van lotgenoten, maar op de langere termijn wordt het een ware nachtmerrie. Wil je nog even snel langs de meisjes van plezier supermarkt ben je een uur bezig dat ding in de kinderwagen te krijgen om nog maar te zwijgen over de hernia die je oploopt jegens het aanduwen van die volgepakte foetuswagen. Leuk zo’n kinderwens maar als ze eenmaal ter wereld zijn gezet ben je de aankomende 18 jaar bezig om ze te verzorgen en op te voeden. Zodra het moment er is dat je er eindelijk wél iets aan hebt, gaan ze aan de studie op jouw kosten, het huis uit en hoor je sporadisch nog iets van ze. Om de hele hel die opvoeden heet iets te verlichten heeft een Engelsman iets ge-Willie-Worteld wat het vervoeren van zo’n kreng het allemaal nét wat leuker, makkelijker en sneller maakt. Een gemotoriseerde kinderwagen. Wij vinden het nu al de uitvinding van dit decennium. Met 80 km/u over de weg heen knallen met je tot mensje ontwikkelde zaadcel. Wie wil dat nou niet?
